Niveau: > 3havo
Begrippen | klik hier |
Inleiding
Het aardoppervlak is op veel plaatsen gevarieerd opgebouwd. Van uitgestrekte vlaktes tot extreme hoge bergen. Van kilometers diepe troggen tot glooiende heuvels. Van zompige moerassen tot kurkdroge woestijnen. Van razende bergrivieren tot stille binnenzeeën. Van drooggevallen zoutvlakten tot zoete smeltwaterrivieren. Van dichtbegroeide tropische regenwouden tot open savannes. Dit zijn allemaal natuurlandschappen (fysische landschappen).
Er zijn delen van aarde die nog in hun oorspronkelijke natuurlijke
staat zijn, maar er zijn ook grote gebieden die door de mens zijn ingericht of aangetast. Vooral de gebieden die onder invloed staan van de mens kunnen interessant zijn om nader te bestuderen. Denk bijvoorbeeld aan akkers die een ingewikkeld irrigatiesysteem hebben, berghellingen die zijn aangetast door erosie, dichtbevolkte gebieden die bestaan uit krottenwijken, gebieden die last hebben van verwoestijning en ga zo maar door. Dit zijn allemaal ingerichte landschappen.
Het is voor verschillende doeleinden interessant om onderzoek te doen in al deze gebieden. Maar het is vaak erg lastig om in zo’n gebied het landschap te onderzoeken. Denk maar eens aan slecht toegankelijke regenwouden of moerassen. Tegenwoordig beschikken we over moderne technieken waarmee we de aarde kunnen observeren. Met behulp van satellieten, luchtballonnen en vliegtuigen kunnen we beeldopnamen maken van het aardoppervlak. De verzamelnaam voor deze waarnemingstechnieken is Remote Sensing, afgekort RS. Waarnemen op afstand. Zowel Erwin Kroll als Piet Paulusma kunnen niet zonder de satellietbeelden die worden bewerkt om het weer te voorspellen. Andere toepassingsvoorbeelden van Remote Sensing zijn het verkrijgen van informatie over de verontreiniging van de bodem of de zoektocht van water in de woestijn.